vrijdag 17 juni 2016

Hemelvaarttreffen, Fürstenau mei 2016



Echte woestijnratten
 
Martin
 
Ut Fryslan en de poes is ook mee
 
Together, maar niet on tour
 
Kindermeubilair
 
Gezellig ouwehoeren bij het kampvuur
 
Gaan in 2017 eindelijk naar Marokko
 
Is wat anders dan de DAF
 
Japi willen wel weer een truck
 
Scheidingplanner
 
Hugo, de brancard is wel wat groot
 
Bootje varen
 
Met baby Huub in de schaduw
 
 Meerdere toer is 't en
 
In IJsland is het kouder
 
Outbound
 
Niet weer over de fiets heenrijden
 
Cheese :)
 
 Na het flossen op de foto
 
Is anders dan 365 dagen Afrika
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

dinsdag 9 februari 2016

Marokko/Spanje, februari 2016


Op 3 februari laten we in Mohammedia bij de MAN garage een lekke oliekeerring aan het linkerachterwiel repareren. Inclusief motorolie verversen neemt dit ca. 8 uren in beslag. In Marokko hebben ze nog nooit van Deutsche of Nederlandse Grundlichkeit gehoord. Er staan 4 man bij het achterwiel waarvan er maar 1 echt aan het werk is. En verder is er binnen het bedrijf maar 1 persoon die motorolie mag verversen. Als wij de rekening willen betalen, wordt meegedeeld dat dit vanwege veranderde wetgeving alleen maar met dirhams mag. Wij hebben niet zoveel dirhams bij ons en de banken zijn al dicht. Uiteindelijk mag er wel met euro’s worden betaald op voorwaarde dat we de herkomst ervan kunnen bewijzen. Europeanen die  euro’s bij zich hebben, zijn blijkbaar nogal verdacht. Compleet gaar rijden we terug naar de camping in El Mansouria en willen onderweg nog snel een hamburger bij Mc D halen. Omdat heel Casablanca op dit tijdstip zin heeft in een hamburger en er dikke files bij de hamburgertent staan, rijden we door en halen bij een grillrestaurant een pizza, waarvan 1 een beschimmelde bodem heeft.

El Mansouria ligt tegen Mohammedia aan en er worden veel appartementen gebouwd. Potentiele kopers worden met mooie plaatjes van strand en zee gelokt om hier te gaan wonen. De realiteit is echter dat er bijna geen strand is en waar wel strand is, ligt het zand vol met glasscherven van wijn- en bierflessen die stiekem door de Marokkanen worden leeggedronken.

Van El Mansouria rijden we naar de regio Zaer Zaiane. Tot aan Ben Slimane is het landschap heuvelachtig en her en der worden druiven verbouwd. Zo te zien aan de villa's en golfbanen wonen in Ben Slimane de rijkere Marokkanen. Na Ben Slimane verandert het landschap plotseling in bergachtig met begroeiing van naaldbomen, eucalyptus en kurkeik. De snelle wisseling van landschappen maakt Marokko zo uniek. We overnachten bij een mooie oued in de buurt van Rommani, waar veel landschildpadden rondlopen. Deze hebben het erg druk met het produceren van nageslacht. Mensen die hun kudde geiten, schapen en koeien "uitlaten", doen net of ze ons niet zien.

In de buurt van Rommani



De volgende dag proberen we weer een mooie staplek te vinden, maar het lukt ons 7 uren lang niet een geschikte plek te vinden in de prachtige omgeving. We rijden door tot 32 kilometer onder Azrou, waar we de truck in het bos neerzetten. Hier blijven we een dag staan en vinden op een heuvel vlakbij de truck, artefacten gemaakt van melkkleurige vuursteen. Mike vindt ook nog een wrijfsteen die waarschijnlijk gebruikt is voor het fijnmalen van kleurstoffen. We rijden via de, volgens billboards, schoonste stad ter wereld, Ifrane, naar Fes, waar we nog wat inkopen doen. Als we onder Ouezzane een oued overrijden, gaat de telefoon en blijken Pier, Jacquelien en John ons over de oued te hebben zien rijden. We keren om en rijden terug naar de oued waar zij in de bedding staan. We hebben een onverwachte en gezellige middag met z’n vijven.

Pier, Jacquelien, John en wij

 
De volgende dag vertrekken zij naar Azrou en wij rijden via een slechte weg verder naar Chefchaouen. Het kost veel moeite om via de smalle straatjes en moeilijk te nemen bochten de camping boven op de berg te bereiken. Zodra we het campingterrein verlaten om Tosh uit te laten, worden we lastiggevallen door drugsdealers die alle soorten soft- en harddrugs in de aanbieding hebben.

Op camping Alboustane in Martil tanken we goed drinkwater voor onze terugreis naar Europa. We blijven hier 2 dagen wachten tot het minder hard waait en verlaten Marokko op donderdag 11 februari. Misschien omdat het die dag hard regent, is het erg rustig bij de grens in Ceuta. De douane checkt wel even of er een verstekeling tussen het chassis of in onze garage zit. Om 11 uur staan we op het haventerrein om met de boot over te steken naar Algeciras, maar omdat het buiten het seizoen is, vertrekt de boot pas om half 3. Na een uurtje varen, arriveren we in Algeciras. Het weer is niet opgeknapt en daarom rijden we niet door naar Tarifa, maar besluiten via de oostkust van Spanje richting het noorden te rijden. In Palmones (afslag 112), dat vlak buiten Algeciras ligt, halen we "lekkere" dingen bij de Lidl die tijdens onze reis in Marokko niet of moeilijk te krijgen waren: wijn, bruin brood, vleeswaren, chocoladerepen, ijsbergsla, Griekse yoghurt. We overnachten in de buurt van Marbella. De volgende  dag nemen we een verkeerde afslag en rijden via Granada naar Almeria. Een hele omweg, maar wel een door het prachtige berggebied van de Sierra Nevada. We overnachten aan de kust bij Carboneras. 's Nachts en ook de volgende dag waait het zo hard, dat we besluiten verder te rijden. We vinden een mooie plek bij Playa Macenas vlak voor Mojacar. Na 1 overnachting worden we weggestuurd omdat het blijkbaar verboden is aan het strand te parkeren. De volgende overnachtingsplek is onder Vera. Hier rijden alleenstaande mannen in vooral witte auto's rondjes langs de bosjes bij het strand. Duidelijk is hier iets aan(us) de hand.
Vlak voor Pulpi parkeren we de truck opnieuw in de buurt van het strand. We blijven hier 3 dagen staan en kunnen zelfs een dag in de zon zitten bij 17 graden.

Pulpi

In de buurt van Aguilas staan de baaien vol met bejaarde overwinteraars in gewone campers. In Canada de Gallego staat het ook vol, voornamelijk met Duitse overwinteraars, maar vinden we toch een mooie plek met veel privacy. Je kunt hier leuke wandelingen maken in de bergachtige niet erg toeristische omgeving en er is een mooie baai genaamd Les Percheles. 

Playa de Percheles
 
 

Op een van onze wandelingen over de rotsen ziet Mike plotseling een slang wegschieten. Vergeleken met Nederland is de temperatuur in dit deel van Spanje erg aangenaam op dit moment. Sommige dagen is het 19 graden. Als het weer slechter wordt, rijden we verder naar het noorden. Onze laatste overnachtingsplek in Spanje is meestal Platja Llarga bij Monars. Dit keer is de parkeerplaats bij het strand gebarricadeerd met grote rotsblokken om te voorkomen dat hier campers gaan staan. Ook zijn er allemaal parkeerverbodsborden geplaatst. We overnachten daarom maar ergens op een parkeerplaats langs de peage. Via de Route du Soleil rijden we verder naar Nederland.

dinsdag 26 januari 2016

Marokko, januari 2016



Op 1 januari willen we een piste rijden die vlak langs de Algerijnse grens gaat, maar op 4 kilometer van de grens worden we tegengehouden door militairen. We rijden in de zogenaamde militaire zone en moeten terugkeren naar M’hamid. Onderweg merken Jorina en Gerrit dat hun truck een lekke band heeft en deze moet eerst gerepareerd worden. Omdat de band niet gerepareerd kan worden in M’hamid en Ouled Driss, staan we een nachtje op de camping in Ouled Driss, en rijden Gerrit en Jorina de volgende dag door naar Zagora voor de bandenreparatie. Marcel, Yvon en wij nemen een piste vanuit M’hamid en gaan zandduinen rijden. Wij leren veel van hun, want het zijn echt geweldige zandrijders. Volgens ons zijn er maar weinig mensen die zo enthousiast worden van bijna niet bereden zandgebieden. Met de bandenspanning op 2,5/3 gaat onze truck er goed doorheen. Opnieuw overnachten we tussen de zandduinen. Mike zet de volgende dag de bandenspanning weer omhoog omdat we over een stenige piste moeten rijden, maar het gevolg hiervan is dat we bij een stuk met los zand, vast komen te zitten. Bandenspanning weer omlaag en we rijden onszelf snel weer los. Marcel en Mike “spelen” ’s middags met de quad in de “zandbak”. We vervolgen de rit weer met zijn 6en en rijden via de mulle zandbanen en –duinen van Erg Chegaga naar Lac Iriki.
 
 
 
 
Op de vlakke bodem van dit meer, dat vroeger een zee was, kan hard geraced worden met de trucks. Een nacht overnachten we tussen de zandduinen, een andere nacht bij een heuvel met orthocerus fossielen en de 3e nacht 40 kilometer voor Foum Zguid in een mooie oued. Er zijn opvallend weinig reizigers/toeristen in het gebied. Met een grote boog rijden we noordelijk om de “tajinepotberg” bij Foum Zguid heen en op weg naar de “zaagtandbergen” zien we rotsblokken met prehistorische gravures. Op sommige blokken staan slangen? en verderop op een hoge heuvel is een rotsblok met een gravure van een koe?
 
Prehistorische gravure bij Tantana
 
 
De route tussen de zaagtandbergen is lang niet bereden en de regen heeft diepe geulen in de doorgang tussen de bergen gesleten. De laatste kilometers naar Foum Zguid zijn onprettig vanwege de kapotgereden wasbordpiste.

In Foum Zguid doen we inkopen en zijn de eerste klanten op de nieuwe camping die een stukje noordelijk van het dorp ligt. De camping blijkt nog niet helemaal klaar te zijn en daarom zitten er geen deuren in de toiletten en douches. Apart is ook dat de 2 wc’s die de camping rijk is, zich in de doucheruimtes bevinden. De elektriciteitsvoorziening is goed, maar het kraanwater komt uit een put en is te zout om als drinkwater te gebruiken. Mike vult onze watertank met stromend water uit de oase. We staan 3 nachten op de camping en doen was-, schoonmaak- en reisverslagklusjes. Vanaf de camping heb je een mooi uitzicht op de bergen.
 
Dorp bij Foum Zguid
 
 
Gerrit en Jorina blijven nog een aantal nachten op de camping staan en Marcel, Yvon en wij rijden verder. 16 Kilometer westelijk van Foum Zguid nemen we een piste die richting Tissint gaat. We rijden door een prachtig landschap met bergen en savanne achtige vlaktes, waar alleen de giraffes en zebra’s nog ontbreken. Op een gegeven moment komen we uit bij een oued met met veel diepe door water uitgesleten geulen, die voor de trucks niet berijdbaar is. Daarom maken we een doorsteek tussen de bergen, waar het pad zo smal is dat we bijna niet tussen de rotsblokken kunnen doorrijden en komen uit bij de normale weg. Bij Tissint rijden we via een steil pad een canyon in waar we bijna vast komen te zitten in de mulle rivierbedding.
 
 

30 Kilometer voor Tata nemen we een piste die via een westelijke boog onder Tata uitkomt. Het pad is nog nooit bereden door trucks want op veel plekken moeten we met onze takkenschaar de accaciabomen bijsnoeien om er onder door te kunnen rijden. Helaas worden we na enkele kilometers tegengehouden bij een militaire post en mogen wij zonder schriftelijke autorisatie van Rabat niet verder rijden. We overnachten ergens op de piste. De volgende dag doen we inkopen in Tata en rijden verder richting Imitek. Voor Imitek nemen we een piste door een reservaat waar dorcas gazelles leven. De piste is voornamelijk erg smal en stenig met veel accaciabomen waar we met de trucks langs moeten rijden, maar als troost ziet Mike de volgende ochtend wel een gazelle. In het reservaat zitten ook mouflons, kleine struisvogels en jakhalzen. De piste komt uit bij de stenige gravelroad van Imitek naar Akka.
 
Ten Noorden van Akka
 
 
 
Van Ouabelli rijden we via een piste naar Icht. Aan de rand van de rivierbedding vinden we veel kleine prehistorische werktuigen (microlieten). We overnachten in een rivierbedding tussen Tarhijight en Fask en aan de randen van de oued vinden we schelpen en resten van koralen en stromatolieten. Een bewijs dat dit woestijngebied vroeger zee was. In Guelmim doen we inkopen en nemen dan een weg die parallel loopt aan de doorgaande weg naar Tantan. We rijden tussen heuvels begroeid met allerlei soorten cactussen.



Als we de truck parkeren voor de overnachting ziet Yvon een groene slang een verlaten huisje inkruipen en zetten we de trucks voor de zekerheid maar een stukje verderop.  ’s Avonds in de maneschijn, zien we een grote witte cirkel rond de maan; het is de allereerste keer dat we zoiets zien. Later lezen we op internet dat dit veroorzaakt wordt door ijskristallen in de lucht. Vanaf Aioun Ighouman rijden we via een smal en hobbelig stenig pad waar de trucks maar net oppassen, door heuvels bezaaid met cactussen die gekweekt worden voor de cactusvruchten. De huisjes die in de heuvels liggen, zijn alleen bewoond in de tijd van de cactusvruchtenoogst. Na een stukje rijden over asfalt slaan we linksaf de oued Draa in en rijden net zover tot het pad ophoudt. Hier parkeren we de trucks voor de nacht. De volgende ochtend waait het stevig en het zand vliegt ons om de oren. We rijden door naar El Ouatia waar we wat inkopen doen. Bij de ingang van de staplek bij oued Chbika is een slagboom geplaatst waardoor vrij staan of overnachten hier niet meer mogelijk is. In de buurt van oued Mafatma beginnen we aan de track die we van Julia en Adrian hebben gekregen. Om in het oued dal te komen, moeten we via een steil pad een bergplateau oprijden en afrijden. Hierna komen we in het dal terecht dat omringd wordt door steile krijtrotsen. We parkeren de trucks op een heuvel, die bezaaid is met vuursteen. De krijtrotsen aan weerszijden van de oued bestaan uit gekleurde lagen kalk, platen vuursteen en grote (holle) bollen van kalk. Marcel en Yvon vinden een fossiel van een ammoniet in een kalklaag.  ’s Nachts horen we gehuil van jakhalzen.
 
 
 
De volgende dag vervolgen we onze route. Aan de sporen van de track is te zien dat deze zeer lange tijd of nog nooit door een truck is bereden. Het pad is erg smal en de banden van de trucks moeten over de struikjes in de oued heenrijden. Het is een pittige route met zeer smalle steile, soms rotsige of zanderige, hellingen omhoog en naar beneden. Het woestijnlandschap met de steile krijtrotsen is adembenemend mooi en bijna buitenaards. Omdat we dagenlang geen mens hebben gezien of gehoord, is het niet aan te raden om deze route met slechts 1 voertuig te rijden.
 
Dit pad moet met de truck gereden worden
 
 
 

Het pad eindigt in het bijna verlaten dorp Abateh, waar slechts 1 eettentje annex winkeltje geopend is en waar ik maar 4 broden mag kopen omdat de dorpsbewoners anders zonder brood komen te zitten. Van Abateh buigen we af naar oued Chbika. Op de heuvels langs de oued zijn veel oude graven en tumuli te zien.

Een stuk voor Sidi Akhfenir nemen we een piste langs oued Ouaar en oued Ez Zahar. Een vlak, stenig landschap met diep gelegen oueds waar af en toe water stroomt. In de oued zijn hoog gelegen poelen water te vinden, die helaas lopend niet bereikbaar zijn.
 
Overnachtingsplek Ez Zahar
 
 
 
 
 
In Sidi Akhfenir slaan we boodschappen, diesel en drinkwater in voor de volgende 150 kilometer piste naar het zoutmeer bij Khawi Nam, dat in het Nationaal Park Kenifiss Naila ligt. Het waait hard en er is veel zand in de lucht. Als we landinwaarts rijden stijgt de temperatuur naar 29 graden en merken we niets meer van de zandstorm. De piste is weinig bereden en er liggen veel moeilijk te ontwijken scherpe stenen op de route. Na 1,5 dag hobbelen door het vrij saaie, vlakke landschap met lage bosjes, houden we het voor gezien en rijden via een mooie omgeving met oranjebruine zandduinen en een veel beter pad terug naar het asfalt. Omdat we 16 dagen achtereen piste hebben gereden, gaan we naar de camping in El Ouatia voor onderhoud aan vrachtwagens en mens. Op de camping ontmoeten we Gerrit en Jorina weer. Zij vertrekken de volgende dag richting het noorden.

Mijn 55e verjaardag vieren we in El Ouatia. De volgende dag vertrekken Marcel en Yvon richting M'sied en blijven wij nog een dagje staan. Op 28 januari rijden we noordwaarts richting Guelmim. Gerrit en Jorina sms-en dat Hassan van camping l'oasis de Tighmert een zoon heeft gekregen en daarom gaan we even bij Hassan en Samira langs om de baby te bewonderen en een kadootje te geven. In Marokko is het gebruikelijk dat 7 dagen na de geboorte van een kind een groot feest wordt gehouden. Wij worden van harte uitgenodigd, maar besluiten verder te gaan rijden.  
Een klein stukje voor Bou Izakarne nemen we een smal weggetje richting Tiznit. Het eerste gedeelte van de route gaat door mooi landschap met arganbomen en heuvels met rotsblokken en cactussen. De natuur heeft het bijna architectonisch aangelegd. De tweede helft van de route gaat door saai landbouwgebied.
Onder Agadir staan we op de camping bij Sidi Wassay, wat onze grootste vergissing tot nu toe is op deze reis. Het staat er bomvol Hymers en het lijkt wel een bejaarden club-med. Kost ook nog eens 90 dirham per nacht (excl. electra).
Via de N8 rijden we richting Marrakech. Prima weg die door mooi landschap gaat. Een stuk voorbij Chichaoua zetten we de truck in een eucalyptusbos. Het lijkt meer op het Eucalyptabos met meneer de uil, omdat Tosh tot 3 keer toe wordt aangevallen door boze uilen, die hun territorium of nest verdedigen. De uil komt geruisloos van achteren aanvliegen en zet zijn klauwen in Tosh zijn rug. Tosh durft de rest van de dag en ook de volgende ochtend niet meer buiten te lopen.

 

vrijdag 25 december 2015

Marokko, december 2015


Marokko, december 2015

 

Op 1 december is de stand van zaken wat betreft “ongelukjes” als volgt: nummerbord is weggewaaid in storm, boiler is uit zijn behuizing gezakt, aggregaat lekt olie en we zijn de dop van onze watertank kwijtgeraakt. Ook konden we een keer onze wooncabine niet meer in omdat een moer van het slot was losgetrild. Mike is toen via een dakluik naar binnengeklommen en heeft van binnenuit de deur open weten te krijgen. Willie van Twiga Travelcars regelt voor ons een nieuw nummerbord en de dop van de watertank bestelt onze dochter Lisa via internet. Zodra Yvon en Marcel afreizen naar Marokko nemen zij deze dingen voor ons mee. Mike heeft de boiler met een spanband weer vastgesjord, een plastic zak in het watervulgat gestopt en een moer binnen het aggregaat aangedraaid.  Zonder nummerbord rijden in Marokko is geen probleem, maar wij verwachten dat het wel een probleem wordt op de terugweg in Spanje/Frankrijk. Onderweg bij een controlepost van de gendarmerie vertelt Mike dat het nummerbord eraf is gewaaid door beaucoup de vin (wijn), i.p.v. vent (wind).

Op 21 december verloopt ons 3-maanden visum. Een ander jaar zijn we helemaal teruggereden naar de Spaanse enclave Ceuta en toen weer Marokko ingereden om op die manier aan een nieuw 3 maanden visum te komen. Van Fransen horen we dat je ook via sommige campings in Marokko een nieuw 3 maanden visum kan regelen. We rijden naar camping l’Oasis in Tighmert en vragen Hassan of hij een nieuw visum voor ons kan regelen. Hij kan dat wel regelen en wij vertrekken naar Plage Blanche. Er zijn veel flamingo’s, grondeekhoorns en muggen en teken.

 
 


We staan hier een aantal dagen helemaal in ons eentje en rijden een leuke piste richting Foum Assaka, die we in 2012 met de Daf hebben gereden. De piste is op sommige stukken bijna te smal voor onze truck zodat we met moeite bepaalde bochten om heuvels kunnen rijden en als we op een gegeven moment zien dat de piste niet meer bereden is, besluiten we via een andere piste door de heuvels terug te rijden. 14 Kilometer voor Plage Blanche komen we weer op de normale weg uit. Een stuk strand sluit dit jaar de verbinding tussen de zee en de oued af en daarom kunnen we het aan de overkant van de oued gelegen vissersdorp via het strand bereiken.

11 Dagen voor afloop van het visum gaan we samen met Hassan in de truck naar Guelmim om de verlenging van ons visum te regelen. In de stad maken we eerst 3 kopieën van de bladzijde uit ons paspoort waar de inreisdatum en het politienummer opstaan, 3 kopieën van de bladzijde met onze foto en paspoortnummer en 3 kopieën van onze creditcard. Ook nemen wij per persoon 3 pasfoto’s mee. Alle kopieën moeten vervolgens geautoriseerd worden in het gemeentehuis. Elke kopie krijgt 3 stempels en een soort postzegel. De postzegel kost 2 dirham per stuk. Gewapend met de benodigde kopieën gaan we naar de gendarmerie. Hier blijkt dat er nog een in het Arabisch getypte verklaring moet worden gemaakt dat ons tijdelijke adres in Marokko de camping in Tighmert is. Ook moeten Mike en ik een handgeschreven brief opstellen waarin wij verzoeken om een nieuw 3 maandenvisum. Gelukkig is er vlakbij de gendarmerie een “kantoortje” waar een man met 2 vingers brieven typt voor mensen die zelf geen typemachine of computer hebben. Voor 30 dirham maakt hij het Arabische briefje. Opnieuw naar de gendarmerie en daar blijkt dat onze handgeschreven brief niet goed is omdat het 2 aparte verzoeken van Mike en mij moeten zijn. Oké, dan maken we er wel 2 verzoeken van. Een hoge pief van de gendarmerie vult 2 visumaanvraagformulieren in op de computer en dan kunnen we naar het politiebureau. Hassan vraagt ons om 100 dirham die hij vervolgens stiekem in de handen van de hoge pief drukt. Wij zijn hier geen voorstanders van maar volgens Hassan is dit nodig om een en ander vlotter te laten verlopen. Aangekomen bij de politie wordt ons meegedeeld dat het formulier dat de gendarmerie heeft gemaakt, helemaal niet met de computer had mogen worden ingevuld, maar dat wij dat zelf handmatig hadden moeten invullen. Oké, dan maar weer terug naar de gendarmerie om het formulier handmatig in te vullen. De hoge pief heeft middagpauze, maar dankzij het smeergeld is er wel een andere hoge pief die voor ons de blanco formulieren wil uitdraaien en na invullen wil stempelen. Met deze formulieren weer terug naar de politie en daar wordt ons verteld dat alles in 2-voud had moeten worden ingevuld. Dus weer terug naar de gendarmerie om de formulieren nog een keer in te vullen en deze af te laten stempelen. Dan weer naar de politie om dit weer te laten stempelen en dan een laatste keer naar de gendarmerie die ons eindelijk een bewijs geeft dat wij een nieuw 3 maanden visum hebben aangevraagd. Ondanks of dankzij het smeergeld hebben wij na 8 uren onze benodigde papieren.

Weer aangekomen op de camping in Tighmert zien we dat Gerrit en Jorina (www.togetherontour.nl) er ook staan. Zij hebben zo veel problemen gehad om de Senegalese grens over te komen zonder carnet de passages dat zij besloten hebben terug te keren naar Marokko en hier hun reis voort te zetten. Het is erg leuk om hun weer te ontmoeten en we hebben een gezellige dag met z’n 4en.

Via Fask en Irherrhar rijden we richting Bou Izakarn en slaan dan af naar Souk Jemaa n-Tirhirte. Volgens onze kaart moet er een piste naar dit dorp gaan, maar helaas is het een smal geasfalteerd weggetje. We rijden door richting Tafraoute en zetten de truck in een mooie oued om te overnachten. Al snel komt de politie langs om te zeggen dat we hier niet mogen staan omdat het gevaarlijk is. Het zou wel eens kunnen gaan regenen en dan zou de truck wegspoelen of mensen zouden stenen naar ons kunnen gooien. Ook al zijn wij helemaal niet bang voor deze dingen, we mogen van hun niet in de oued blijven staan. Omdat wij niet onder de indruk zijn van hun bangmakerij, vraagt de politie ons of wij eigenlijk wel toeristen zijn en wil onze paspoorten controleren. Omdat het al bijna donker is geworden, zetten we de truck op een mooi plekje 8 kilometer voor Tafraoute. Als we de wooncabine ingaan, zie ik dat ik 2 keukenkastjes vergeten ben af te sluiten en de inhoud van de kastjes ligt over de hele vloer verspreid.

De volgende dag rijden we naar les pierres bleues (de blauwe rotsen) vlak voor Tafraoute. Een Belgische landschapskunstenaar heeft hier het onzalige idee gehad om rotsen blauw en roze te schilderen. De omgeving van Tafraoute is werkelijk prachtig met bijna onnatuurlijk gestapelde rotsblokken en wij vinden de blauwgeschilderde rotsen een actie van vandalisme.  Je kan hier wel prachtig vrij staan met de truck en mooie wandelingen maken.

Tafraoute
 
 
 
Via Igherm rijden we naar Taliouine. Van Tafraoute naar Igherm is de route vrij saai met kale onbewoonde heuvels. De amandelbomen staan nog niet in bloei en daarom ziet het er allemaal een beetje naargeestig uit. Na Igherm wordt de route mooier met prachtige vergezichten. Veel bruggen over oueds zijn weggespoeld en nog niet gerepareerd. Het is moeilijk in de bergen een leuke overnachtingsplek te vinden.

De volgende dag rijden we naar Aoulouz en nemen een paar kilometer buiten dit dorp een weggetje richting Ouzioua om vervolgens een piste richting een waterval te nemen. We rijden het stuk piste door de bergen, maar deze is zo smal, dat we met moeite haarspeldbochten kunnen nemen. We rijden op het randje van het pad met bochten die aan de afgrondzijde zijn opgevuld met keien. Een geitenhoeder op de berg staat te lachen om de gekke toeristen die met een veel te grote truck dit pad willen rijden. We besluiten de piste niet verder af te rijden en vinden een mooie overnachtingsplaats in de prachtige omgeving met bergen en diepgroene arganbomen.



Als we op de Tizi n Test bergpas rijden zien we ineens Gerrit en Jorina in hun Unimog achter ons verschijnen. Op het hoogste punt van de pas (2100 meter) drinken we wat bij een restaurantje. De Tizi n Test pas is veel smaller dan de Tizi n Tichka pas en is veel rustiger wat verkeer betreft. Ook vinden wij de omgeving en de natuur waar wij doorheen rijden, mooier. Een stukje voor Asni zetten we de trucks op een heuvel tussen de naald- en eucalyptus bomen. Onder in het dal liggen zoutmijnen. Omdat het ’s avonds flink afkoelt, maakt Gerrit een kampvuur en kunnen we in het licht en de warmte van het vuur ons bord eten opeten. Om 10 uur ’s avonds komt de boswachter ons vertellen dat we hier niet mogen staan en dat we ook geen kampvuur hadden mogen maken. We doven het vuur en uiteindelijk is het toch geen probleem dat we hier overnachten. De volgende dag rijden Gerrit en Jorina richting Marrakech en wij slaan af tussen Asni en Tahanaoute en nemen een mooie smalle route door de bergen richting Oukaimeden (Marokkaans skioord). De route is prima te rijden, met alleen in het begin een erg krappe doorgang tussen huizen in een dorp. Als onze truck breder was geweest, hadden we de daken van de huisjes afgereden. De bergroute komt uit in de vallei van l’Ourika. Deze vallei valt ons erg tegen en is bovendien erg toeristisch. Overal staan mannetjes met groene of oranje hesjes toeristen naar parkeerplaatsen te dirigeren, er zijn veel restaurants met rode en oranje plastic stoelen, op parkeerplaatsen staan zielige kamelen waar toeristen een ritje op kunnen maken en er zijn veel winkels met de gebruikelijke Marokkaanse souvenirs. We willen eigenlijk de waterval van Setti Fatma bewonderen, maar draaien snel de truck om en rijden richting Demnate. We overnachten in een oued bij Sidi Rahal. 3 Keer komt de politie langs om te zeggen dat we voor onze veiligheid beter bij het benzinestation of het politiebureau in het dorp kunnen gaan staan. We blijven in de oued staan, maar ons is zo langzamerhand wel duidelijk dat de Marokkaanse politie bezorgd is om de veiligheid van buitenlandse toeristen.

We doen inkopen bij de Marjane supermarkt in El Kelaa des Sraghna, waar de beveiligers van de winkel uitgerust zijn met metaaldetectoren. We rijden verder richting Beni Mellal en slaan af bij Afourer om naar de barrage van Bin el Ouidane in de Hoge Atlas te rijden. Een heel mooi (stuw)meer in de bergen, waar we helaas geen fijne plek vinden om vrij te staan.

Bin el Ouidane
 
 


We zetten de truck ergens langs de kant van de weg en als het donker is klopt de gendarmerie op de deur om te vertellen dat er op deze plek geen beveiliging is en dat we terug moeten rijden naar een dorp om de truck bij een hotel neer te zetten. Aangezien wij liever niet in het donker rijden en ook niet bij een hotel willen staan, weigeren wij de plek te verlaten. De gendarmerie begrijpt het, maar wil precies weten welke route wij de komende dagen gaan rijden en dat we de volgende ochtend fiches inleveren op het bureau van de gendarmerie in het eerstvolgende dorp. De nacht verloopt rustig en de volgende dag leveren wij de fiches in bij de gendarmerie, die ’s nachts om 1 uur nog gecontroleerd had of wij veilig waren. Bij Tilougguite houdt de asfaltweg op en begint de piste. De omgeving is prachtig, met hoge bergen begroeid met naaldbomen en beken die tussen de bergen doorstromen. Een zeer geïsoleerd gebied met maar af en toe een paar huisjes. Op een gegeven moment moeten we een gammel uitziende noodbrug over met losliggende balken en staalplaten, waar Mike eerst inspecteert of deze het gewicht van onze truck wel kan dragen. Volgens een Marokkaan kan het wel en we bereiken zonder problemen de overkant. Bij de Cathedral Rocks (La Cathedrale), een hoge rots in de vorm van een kathedraal, stopt de piste bij de rivier. Een leuke plek om te overnachten, alleen verdwijnt om 15.00 uur de zon al achter “de kathedraal” en wordt het koud en schemerig.

 
 


Een meisje dat met haar familie (9 kinderen) op een berg vlakbij woont, brengt thee en brood met olie bij de truck en vraagt of wij op bezoek komen bij haar familie. Ze is 15 jaar en vindt het erg jammer dat ze niet meer naar school gaat omdat ze mee moet helpen in de huishouding. Het liefst zou ze trouwen met een Nederlander en in Nederland wonen. Via de Tizi n Llissi bergpas (2600 meter) dalen we via smalle gravelpaden af naar de Vallei van Ait Bougmez. Hier komen we langs de dorpen Tabant en Agouti, waar de tijd lijkt te hebben stilgestaan. Langs de oevers van de rivier in de vallei zijn stukjes landbouw- en grasgebied, waar schapen en zwart-witte koeien staan te grazen. Jarenlang was de vallei in de winter compleet afgesloten van de buitenwereld en de mensen in de dorpen zijn sinds die tijd nog steeds min of meer zelfvoorzienend.  Pas in 2001 is er elektriciteit in het gebied gekomen.




Bij Agouti nemen we de verkeerde weg en rijden een akelig stuk weggespoelde piste naar Achaouikh en verder door naar Demnate. We vinden de route van het meer van Bin el Ouidane naar de vallei van Ait Bougmez een van de mooiste routes in Marokko die we tot nu toe hebben gereden.
Via Demnate rijden we naar camping Zebra in Ouzoud, waar we Gerrit en Jorina weer treffen en waar ook Marcel en Yvon ’s avonds arriveren. Overdag is de lucht stralend blauw en met een temperatuur van 20 graden vieren we met zijn 6en een gezellige 1e Kerstdag met live Marokkaanse muziek waarvan het volume iets te hard staat om nog met elkaar te kunnen praten. Camping Zebra is misschien wel de beste en schoonste camping in Marokko. 2e Kerstdag beginnen we aan de bergroute van Demnate naar Ouarzazate. Prachtig ruig landschap, maar de weg is vrij smal en op veel plaatsen is het asfalt verdwenen of zitten er grote gaten in de weg. We parkeren de trucks voor de nacht op 1600 meter hoogte op een heuvel waar het ijzig koud waait.
 
 
 
 
De volgende dag komen we in Ouarzazate aan waar het ook maar 13 graden is. Na benzine tanken en inkopen doen, rijden we door naar de oase van Fint. ’s Nachts vriest het.  Na een dagje uitrusten in Fint nemen we via Zaouia Tafetchna een piste richting Zagora. De piste gaat door zeer afwisselend landschap en is slechts op enkele punten een beetje krap voor de trucks. Onderweg overnachten we in een mooie verlaten oase, waar de vleermuizen ’s avonds vlak boven ons hoofd vliegen. De volgende dag doen we inkopen op de soukh in Zagora en rijden door naar Tagounite, waar de Africa Eco Rally bivak houdt. Marcel en Gerrit vinden rally’s geweldig interessant en maken veel foto’s van alle racetrucks. We mogen met onze trucks door de finish-ereboog rijden en Mike rijdt bij het achteruitrijden onze trap helemaal krom. We overnachten bij het bivak van de rally en “genieten” ’s nachts van het lawaai van brommende aggregaten en wegracende auto’s met hardknetterende uitlaten. ’s Ochtends rijden we naar het startpunt van de dagetappe van de rally, wat eigenlijk geheim is, maar waar Gerrit op slinkse wijze is achtergekomen. Hier staan we in het stof van helicopters en opnieuw hard wegracende motoren, buggys, auto’s en racetrucks. Als de rally is vertrokken, volgen wij een stuk de door hun te rijden piste en buigen dan af richting Algerijnse grens. We overnachten ’s nachts op een mooie plek tussen de zandduinen.
 
 
 
Marcel en Gerrit maken onze kromme trap weer zodanig betreedbaar dat we niet onze benen breken als we de wooncabine in of uitgaan. In plaats van vuurwerk op oudejaarsavond, genieten we van een prachtige sterrenhemel met af en toe een vallende ster.